Waar staan de letters voor bij een automaat?

·

Keuzehendel van een automaat met de letters P, R, N en D

Op de keuzehendel (de “pook”) van een auto met automatische versnellingsbak staan letters. De vier basisletters vind je in vrijwel elke automaat: P, R, N en D. Daarnaast hebben veel auto’s extra standen, zoals L, S, B of M. Welke letters je auto heeft, verschilt per merk en model. Hieronder lees je per letter wat hij betekent, wanneer je hem gebruikt en waar je op moet letten. De letters bij een automaat zijn gelukkig grotendeels standaard.

In het kort
  • P = parkeren, R = achteruit, N = neutraal, D = vooruit rijden.
  • L (of 1, 2) = lage versnelling voor afdalingen, hellingen en trekken.
  • S = sport, B = extra afremmen op de motor (vaak bij hybride en elektrisch), M = handmatig schakelen.
  • Schakel tussen P, R en D alleen als de auto stilstaat en met je voet op de rem.

Alle letters bij een automaat in één overzicht

LetterBetekenisGebruik
PParkparkeren en starten
RReverseachteruitrijden
NNeutralvrijloop, bijvoorbeeld in de wasstraat of bij slepen
DDrivenormaal vooruit rijden
LLowlage versnelling: steile afdalingen, hellingen, aanhanger
1, 2, 3vaste of maximale versnellingzoals L, maar met meer keuze
SSportlater opschakelen, sneller reageren
BBrakeextra afremmen op de motor, meer terugwinnen bij hybride en elektrisch
M, + en −Manualzelf schakelen met de pook of flippers

P – Park (parkeren)

In P staat de bak in de parkeerstand. Een pal in de versnellingsbak (de parkeerpal) blokkeert de aandrijving, zodat de auto niet kan wegrollen. Je start de auto meestal in P, en je zet hem in P als je uitstapt.

Let op: zet de auto altijd volledig stil voordat je P kiest. Doe je dat terwijl de auto nog rolt, dan kan de parkeerpal beschadigen. Op een helling trek je eerst de handrem aan en zet je daarna pas de bak in P. Zo rust het gewicht op de rem en niet op die kleine pal. Bij veel nieuwe auto’s is P een knop in plaats van een stand op de pook.

R – Reverse (achteruit)

R gebruik je om achteruit te rijden. Schakel alleen naar R als de auto stilstaat en je de rem intrapt. Van D naar R schakelen terwijl de auto nog vooruit rolt, geeft een klap op de bak en veroorzaakt onnodige slijtage.

N – Neutral (neutraal)

In N is de motor losgekoppeld van de wielen. De auto kan vrij rollen, maar de parkeerpal is niet ingeschakeld. Je gebruikt N bijvoorbeeld:

  • in een wasstraat met een transportband;
  • om de auto een stukje te duwen of te laten slepen (kijk in het instructieboekje wat mag, en lees automaat slepen of aanduwen);
  • om even stil te staan, al is dat meestal niet nodig: in D met de voet op de rem is ook prima.

Schakel tijdens het rijden niet naar N om “uit te rollen”. Je hebt dan minder controle over de auto en het bespaart bij moderne auto’s geen brandstof. Lees ook doorrijden met een kapotte automaat voor de regels bij het slepen van een automaat.

Verschil tussen P en N

Zowel in P als in N drijft de motor de wielen niet aan. Het verschil: in P zit de bak mechanisch vergrendeld, in N kan de auto vrij rollen. Bij parkeren kies je dus altijd P.

D – Drive (rijden)

D is de stand waarin je bijna altijd rijdt. De bak kiest zelf de juiste versnelling op basis van snelheid, gaspedaal en belasting. Merk je dat de bak in D hard schakelt, schokt of te laat opschakelt? Dat kan een eerste signaal van slijtage zijn. Lees automaat schakelt hard of stampt.

L – Low (lage versnelling)

L staat voor low: de bak blijft in de laagste versnelling(en). In plaats van L staat er soms 1 of 2, of een combinatie zoals D3, D2 en D1. Je gebruikt L:

  • bij lange of steile afdalingen, zodat de motor afremt en je remmen niet oververhit raken;
  • bij het wegrijden of klimmen op steile hellingen;
  • bij het trekken van een zware aanhanger of caravan op hellingen;
  • bij langzaam rijden op een gladde ondergrond, zoals sneeuw (kijk wel naar een eventuele winterstand).

Gebruik L niet bij hoge snelheid: de motor draait dan hoge toeren. De meeste moderne automaten beschermen zichzelf door niet terug te schakelen als dat te veel toeren zou geven. Meer tips over rijden in de bergen lees je in tips voor het rijden met een automaat.

S – Sport

In S schakelt de bak later op en eerder terug. De motor blijft dus in een hoger toerental, zodat de auto feller reageert. Handig bij invoegen of inhalen, maar het verbruik is hoger. Bij sommige auto’s is S juist een sneeuwstand (“Snow”): dan wegrijden in een hogere versnelling voor minder wielspin. Je instructieboekje vertelt welke van de twee jouw auto heeft.

B – Brake (motorrem)

De B-stand vind je vooral bij hybride en elektrische auto’s. In B remt de auto sterker af zodra je het gas loslaat. Bij een elektrische auto en veel hybrides wint de elektromotor daarbij meer energie terug om de accu op te laden. Bij een hybride wordt in B ook de motor zelf gebruikt om af te remmen, net als in L. Je gebruikt B bij lange afdalingen en soms in de stad. Op de snelweg rijd je gewoon in D.

M, + en − – handmatig schakelen

Veel automaten kun je ook handmatig schakelen. Zet de pook in M (of schuif hem naar links of rechts) en tik naar + om op te schakelen en naar − om terug te schakelen. Sommige auto’s hebben hiervoor flippers achter het stuur. De bak grijpt alleen in als het toerental te hoog of te laag dreigt te worden.

Andere letters en symbolen

  • E of ECO: zuinige stand, eerder opschakelen.
  • W of een sneeuwvlok: winterstand, wegrijden in een hogere versnelling.
  • D/S of Ds: sportieve variant van D (onder andere bij sommige Franse merken).
  • OD (overdrive): op oudere auto’s, de hoogste versnelling aan of uit.

Veelgemaakte fouten die je automaat schaden

  1. Naar P of R schakelen terwijl de auto nog rolt.
  2. Op een helling parkeren zonder handrem, zodat de auto in de parkeerpal “hangt”.
  3. Met een stilstaande auto gas geven in D om “op te warmen” terwijl je remt.
  4. Een automaat aanduwen of zomaar slepen. Dat kan niet zonder schade.
  5. Klachten zoals schokken of slippen negeren. Zie automaat kapot? Dit zijn de symptomen.

Veelgestelde vragen

Moet ik bij het stoplicht in N of in D staan?

In D met je voet op de rem is prima en het gebruikelijkst. Steeds wisselen tussen D en N is niet nodig en geeft extra schakelmomenten.

Kan ik in P starten en in N?

De meeste automaten starten in P en in N, maar niet in D of R. Dat is een veiligheidsfunctie.

Wat is het verschil tussen L en B?

L houdt een gewone automaat in een lage versnelling. B komt vooral voor bij hybride en elektrische auto’s en zorgt voor extra afremmen op de motor of elektromotor, waarbij energie wordt teruggewonnen.

Mijn pook gaat stroef of de bak schakelt raar. Wat nu?

Laat de bak controleren voordat het erger wordt. Lees versnellingsbak controleren of kijk hoe een diagnose werkt.

Vraag het een specialist

Problemen met je automaat?

Twijfel je over je automaat? Beschrijf je klacht met merk, model, bouwjaar en kilometerstand.

Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.